Met een volledig gebroken lichaam wist ze toch het gebouw binnen te komen. De deur van de kamer vloog open met een harde klap. ‘Mijn naam is Robert Harrison en ik ben allesbehalve een opportunistische advocaat’, zei hij, terwijl hij binnenkwam. Maar hij was niet de enige.

Achter hem verscheen Marek, een man die een mengeling van pure loyaliteit en nauwelijks bedwongen woede uitstraalde. Hij liep regelrecht naar haar toe, zonder ook maar één blik op Bartek of Barbara te werpen. ‘Alles waarvan jij denkt dat het van jou is, zal in een oogwenk verdwijnen’, siste hij. Toen richtte hij zich tot Helena: ‘We brengen je naar een exclusief appartement in het centrum.
Het is volledig van jou. ‘ Helena bleef kalm. Ze was een koude, berekenende strateeg, klaar om elke zet van haar tegenaanval te leiden. ‘Daarnaast heb ik vorige week het grootste deel van de aandelen overgeheveld naar een nieuw trust’, zei ze rustig.
‘De eigendomsakte staat op naam van het bedrijf, en ik ben de enige bewindvoerder. ‘ De strategische vergadering duurde tot diep in de nacht. Toen het eindelijk ochtend werd, liep Helena naar de grote ramen en keek hoe de stad langzaam ontwaakte. Plotseling verscheen er een onbekend nummer op haar telefoon – het stadhuis.
Even later ging de deurbel. ‘Als u niet opent, hebben we een gerechtelijk bevel om binnen te treden’, klonk het dreigend. Achter de deur stonden twee enorme verhuiswagens. ‘Dit huis is van onze familie’, protesteerde Bartek, maar de ambtenaar schudde zijn hoofd.
‘Nee, dit huis behoort toe aan het zakenimperium van uw schoonzus. U bent verplicht om het pand onmiddellijk te verlaten. ‘ Wanhopig begon Bartek zijn oude collega’s te bellen. Zonder iets te zeggen draaide Robert zich om en liep terug naar zijn auto.
In de rechtszaal riep de rechter Helena op voor haar laatste verklaring. Ze liep rustig naar de microfoon, legde de eed af en ging zitten. Toen keek ze Bartek recht in de ogen. ‘Bel het internetbedrijf’, zei ze.
‘Je hebt ook geen toegang meer tot de privéclub. Niemand wil je aannemen en je zult waarschijnlijk de gevangenis ingaan. Alsjeblieft, Helena, kom terug’, smeekte hij. Maar Helena antwoordde alleen: ‘Dit is het einde.
‘ Ze stond op en verliet de zaal. De deur naar haar verleden viel voorgoed dicht.